Toont alle 2 resultaten

  • Rhodochrosiet toren

    Rhodochrosiet toren

     49,95

    Rhodochrosiet is een mangaan-carbonaatmineraal dat ontstaat in hydrothermale aders diep in de aardkorst. Het vormt zich wanneer mineraalrijk water door spleten en holtes in gesteente stroomt en daar langzaam afkoelt. Tijdens dit proces slaan opgeloste mineralen laag voor laag neer op de wanden van de holte. Door de aanwezigheid van mangaan krijgt het kristal zijn kenmerkende roze tot roodachtige kleur, terwijl variaties in samenstelling zorgen voor witte of bruinrode banden. Deze gelaagde opbouw geeft rhodochrosiet zijn typische, vaak bijna marmerachtige tekening.

    Rhodochrosiet kristalliseert in het trigonale kristalsysteem, maar volledig ontwikkelde kristallen zijn zeldzaam; het mineraal groeit meestal massief of in afgeronde, gebande structuren. In sommige afzettingen kunnen zelfs stalactietachtige vormen ontstaan, die na doorslijpen concentrische patronen laten zien. De intensiteit van de kleur hangt direct samen met het mangaangehalte: hoe hoger het aandeel mangaan, hoe dieper rood of frambooskleurig het mineraal wordt. Wanneer calcium, ijzer of magnesium deels het mangaan vervangen, ontstaan lichtere roze, beige of bruinachtige zones.

    Als carbonaatmineraal heeft rhodochrosiet een relatief lage hardheid en kan het reageren op zuren. Het wordt in de natuur vaak aangetroffen samen met mineralen zoals kwarts, fluoriet, bariet en verschillende sulfiden in dezelfde hydrothermale aders.

    De naam rhodochrosiet komt uit het Grieks en beschrijft eigenlijk precies wat je ziet. Rhodon betekent “roos”, chrosis betekent “kleur” en het achtervoegsel -iet verwijst naar een mineraal. Samen betekent het dus letterlijk “rooskleurig mineraal”. Veel roze stenen beginnen met rhodo-, maar bij rhodochrosiet legt de naam extra nadruk op de tinten en kleurlagen die zo kenmerkend zijn voor het gesteente.

  • Rhodochrosiet trommelsteen

    Rhodochrosiet trommelsteen

     13,95

    Rhodochrosiet is een mangaan-carbonaatmineraal dat ontstaat in hydrothermale aders diep in de aardkorst. Het vormt zich wanneer mineraalrijk water door spleten en holtes in gesteente stroomt en daar langzaam afkoelt. Tijdens dit proces slaan opgeloste mineralen laag voor laag neer op de wanden van de holte. Door de aanwezigheid van mangaan krijgt het kristal zijn kenmerkende roze tot roodachtige kleur, terwijl variaties in samenstelling zorgen voor witte of bruinrode banden. Deze gelaagde opbouw geeft rhodochrosiet zijn typische, vaak bijna marmerachtige tekening.

    Rhodochrosiet kristalliseert in het trigonale kristalsysteem, maar volledig ontwikkelde kristallen zijn zeldzaam; het mineraal groeit meestal massief of in afgeronde, gebande structuren. In sommige afzettingen kunnen zelfs stalactietachtige vormen ontstaan, die na doorslijpen concentrische patronen laten zien. De intensiteit van de kleur hangt direct samen met het mangaangehalte: hoe hoger het aandeel mangaan, hoe dieper rood of frambooskleurig het mineraal wordt. Wanneer calcium, ijzer of magnesium deels het mangaan vervangen, ontstaan lichtere roze, beige of bruinachtige zones.

    Als carbonaatmineraal heeft rhodochrosiet een relatief lage hardheid en kan het reageren op zuren. Het wordt in de natuur vaak aangetroffen samen met mineralen zoals kwarts, fluoriet, bariet en verschillende sulfiden in dezelfde hydrothermale aders.

    De naam rhodochrosiet komt uit het Grieks en beschrijft eigenlijk precies wat je ziet. Rhodon betekent “roos”, chrosis betekent “kleur” en het achtervoegsel -iet verwijst naar een mineraal. Samen betekent het dus letterlijk “rooskleurig mineraal”. Veel roze stenen beginnen met rhodo-, maar bij rhodochrosiet legt de naam extra nadruk op de tinten en kleurlagen die zo kenmerkend zijn voor het gesteente.